geschiedenis
|
| |

Ontstaan VOC
De onderlinge concurrentie tussen verschillende 'voorcompagnieën'
deed de handel geen goed. Er was vooral tussen de Zeeuwen en Amsterdammers
felle concurrentie.
Op initiatief van landsadvocaat Johan van Oldenbarnevelt (1547-1619)
kwamen de kooplieden tot samenwerking en werd na moeizame onderhandelingen
besloten tot het oprichten van één gezamenlijke compagnie,
de Verenigde Oostindische Compagnie, die het monopolie kreeg voor
alle Nederlandse handel en scheepvaart op Azië. |

De eerste mariniers
Raadspensionaris Johan de Witt en Luitenant-Admiraal Michiel de Ruyter
boden augustus 1665 in de Staten Generaal een plan aan voor de oprichting
van een regiment zeesoldaten. Bij de resolutie van 10 December 1665
werd toen het Regiment der Marine opgericht.
Bevaren soldaten waren nieuw in die tijd. De mannen lagen in garnizoensplaatsen
bij belangrijke havens, direct inzetbaar voor een oorlog. |

|
|
Scheepsbouw
De Kamers van de VOC hadden ieder hun eigen werf.
In Amsterdam bouwde de VOC waarschijnlijk al kort na de oprichting
schepen op een kleine werf aan het IJ. In 1608 kreeg de Amsterdamse
Kamer op Rapenburg een werf. Hier was ook een lijnbaan. De werf en
lijnbaan lagen toen nog aan de rand van de stad, maar in 1613 werd
de stad uitgebreid. Op het kunstmatige eiland Oostenburg ontstond
vanaf 1661 de nieuwe VOC-werf.
Voor de Kamer van Middelburg zijn 336 schepen op de werf aan de Dokhaven
gebouwd. De scheepswerf van de Kamer van Enkhuizen was aan de Wierdijk.
Hier zijn 108 schepen gebouwd.
In Hoorn is in 1608 aan oostkant van de Buitenluiendijk de VOC-werf
ingebruik genomen. Hier zijn ca 102 schepen gebouwd.
De Kamer van Delft had haar werf in Delfshaven, verbonden met de stad
door de Delfhavense Schie. Aan de Buizenwaal, aangelegd voor haringschepen,
huurde men eerst een terrein dat in 1671 werd aangekocht. In 1706
en 1715 werd de werf uitgebreid. er zijn ca 111 schepen gebouwd.
In 1632 krijgt de Kamer van Rotterdam de beschikking over een eigen
werf aan de Scheepsmakershaven. Hoe die er uit zag is niet bekend.
In 1694 werd een nieuwe werf tussen de Oostzeedijk en Buizengat (deze
haven was aangelegd als haven voor haringschepen (buizen); nu Boerengat
geheten) in gebruik genomen omdat op de oude werf aan de Scheepmakershaven
schepen van de toen gewenste grotere afmetingen niet gebouwd konden
worden. Op de werf waren gemiddeld zo'n 200 man werkzaam, ongeveer
net zoveel als op de werf van Delft. In Rotterdam zijn 110 schepen
gebouwd.
De Kamers in Nederland waren niet betrokken bij de aankoop of bouw
van schepen door de Hoge Regering in Batavia.
|
|

|

Navigatie
Het spreekt voor zich dat voor een scheepvaart-onderneming als de
Verenigde Oostindische Compagnie de navigatie op zee van vitaal belang
was.
De schepen werden uitgerust met verschillende soorten kaarten en tabellen,
een aard- en hemelglobe en navigatie-instrumenten.
Voor de positiebepaling werden twee methoden toegepast: plaatsbepaling
aan de hand van gegist bestek en door metingen.
Ook andere waarnemingen, zoals kleurveranderingen in het water, waarnemingen
van land en waarnemingen van bepaalde soorten vogels en vissen, droegen
bij tot de positiebepaling.
|

Routes
Aanvankelijk werden de routes die de Portugezen gebruikten aangehouden.
Er waren wel pogingen ondernomen om andere routes naar de Oost te
vinden, maar die bleken geen verbetering.
De Portugezen hadden de 'wageweg' uitgevonden. Door deze route te
volgen vermeed men tegenwind bij Senegal en voerde naar de Afrikaanse
kust. Vanaf de Kaap de Goede Hoop ging de Portugese route noordwaarts.
Hendrik Brouwer verkende echter in 1613 een route die vanaf de Kaap
iets zuidwaarts aanhield om dan langs de 38e breedtegraad in oostelijke
richting tot vlak voor de kust van West-Australië te varen. Pas
daar ging men noordwaarts. Hierdoor kon men profiteren van de westenwinden
die op deze route heersen.
In 1617 werd besloten dat voortaan alle schepen deze route, die in
de 'Seynbrief' was vastgelegd, moesten volgen. Daardoor werd de reistijd
ingekort van één jaar tot vijf of zes maanden.
|
 |
| Gedeelte van de tekst
bron: www.vocsite.nl
|